Fletsj! Daar gaat weer een stuk afgekloven wortel door de kamer heen. Misschien zou je van buitenaf denken dat er een voedselgevecht aan de gang is of dat het op zijn minst gaat om een overspannen moeder die haar kinderen niet meer in bedwang heeft, niets is minder waar.  

Hoewel het laatste deel van de vorige zin soms akelig dicht bij de werkelijkheid lijkt te komen trouwens. Het gaat hier om mijn lieve 1 jaar oude dreumes die niets liever doet dan met eten gooien. Nu zal iedere moeder of in ieder geval ieder persoon die ooit een kind eten heeft proberen te geven dit herkennen. Na eerst even gekeken hebben naar het eten en zelfs een hoopvol moment geproefd te hebben, wordt na een kort intern beraad bij mijn dreumes het worteltje resoluut door de kamer gesmeten. Dit natuurlijk gecombineerd met een allerliefste glimlach en een blik die zegt: Mama is het niet heel knap van mij dat ik nu naast de pincetgreep ook al gooien kan? 

Maar hoe leuk ik het ook vind als mijn zoontje een 10 haalt bij het consultatiebureau voor zijn ontwikkeling: hier trap ik niet in! Dus ik pak opnieuw het worteltje van de grond (die ik gister toch nog gedweild had, toch? Of was dat nou vorige week?) en leg hem opnieuw voor zijn neus neer.

Tja… want ik volg de Rapley-methode. De ‘je-eettafel-is-nog-nooit-zo-vies-geweest-maar-o-zo-wetenschappelijk-verantwoorde-eetmethode’. Nadat mijn beide zussen hun kinderen grootgebracht hadden met deze manier van eten waarin kinderen zelf eten in hele stukken ontdekken met handen, neus en mond, kon ik natuurlijk niet achterblijven. 

Het idee van de methode is dat kinderen een feestje van het eten maken, spelenderwijs smaken leren proeven en structuren leren kennen en zo de makkelijkste eters van de klas worden. Je kent ze wel: de ‘olijf- en spruitjeskinderen’. Dat dit tot een iets minder groot feestje van de ouders kan leiden, wordt soms vergeten.  

Want als je kind de spinazie tot in zijn oren heeft gehad en na een grondige wasbeurt al lang ligt te slapen, zit jij nog op je knietjes de kinderstoel te poetsen. Tenminste, dat zou ik eigenlijk moeten doen in plaats van lekker op de bank een blog te tikken.

En hoewel het met deze methode heel schattig kan zijn om te zien hoe je kind met zijn kleine vingertjes het voor elkaar krijgt een stukje mais in zijn knuistje te pakken krijgt en het vervolgens na veel gestuntel in zijn mondje weet te stoppen, is het ook best een vermoeiende manier van leren eten. Zeker als je een kindje hebt zoals dat van mij, dat na zes maanden van de ene op de andere dag besluit anti-rapley te zijn. Er gaat ineens alleen nog voedsel in dat volledig gepureerd is en op een lepeltje wordt aangeboden. Was alle moeite voor niets? Rigoureus kiest mijn lieve dreumes een andere weg.  

Maar ik hou vol. Daar gaan we weer met de worteltjes: precies gaar genoeg zodat ze lekker zacht zijn om makkelijk te kauwen en niet zo zacht dat ze uit elkaar vallen bij de eerste aanraking. Eén voor één leg ik ze voor hem neer. Tien worteltjes later, waarvan hooguit een half worteltje zijn maagje bereikt, heeft mijn zoon wortels in zijn haar en ik mijn handen.

Ik geef het op. Babypotjes: Here I come! 

Foto: Spinazie Mads, archief Daniëlle Koudijs

Vivian Vietje

| Mamacoach | Verloskundige | Moeder van twee schatten | Getrouwd | Houdt van het leven | Houdt van God | www.mamacoachamersfoort.nl |

Nee, we gaan je niet spammen. Echt niet. Als je jouw e-mail achterlaat* krijg je de tofste updates als eerste toegestuurd. Beloofd! Wil jij ze ontvangen? :-)
*Je geeeft ons toestemming maximaal twee keer per maand een update te sturen naar het door jou opgegeven e-mailadres. 

Het is gelukt! Je ontvangt nu maximaal twee keer paar maand onze updates. Superleuk! Mocht je ze toch niet meer willen ontvangen, dan kun je je via de nieuwsbrief uitschrijven.